Blog
Op de hoogte blijven van mijn blogs? Abonneer je op mijn nieuwsbrief.-
Benjamin Wilhelmus Stomps en het Instituut voor onderwijs aan blinden in Amsterdam
13 maart 2018In een eerdere blog heb ik geschreven over mijn overgrootvader Benjamin Wilhelmus Stomps. Hij fotografeerde in Amsterdam van 1894 tot en met 1901.
Net zoals zijn tijdgenoten fotografeerde hij in de stad de nieuwe gebouwen, die in de stad aan het einde van de negentiende eeuw gebouwd werden, Het Rijksmuseum, het Centraal Station, het Wilhelmina Gasthuis enz.
37 foto's in zijn collectie betreffen het Instituut voor Onderwijs aan Blinden, een in 1808 door vrijmetselaars opgerichte school. In 1885 had het Instituut een pand aan de Vossiusstraat 56-74a in Amsterdam betrokken. Ik weet dat hij hoofdonderwijzer was, maar of hij aan het instituut verbonden was?

Stadsarchief Amsterdam 010162000392
Je ziet op deze foto's niet alleen de buitenkant van het gebouw, maar veelal de klaslokalen, de bestuurskamer en andere werkruimtes. Blijkbaar had B.W. Stomps vrij toegang tot die ruimtes. Van andere fotografen rond 1900 heb ik niet dergelijke foto’s in de archieven aangetroffen.
Hoe ging het toe in het Instituut? Dat kunnen we heel goed zien op zijn foto's.
De jongens en meisjes waren er intern. Zij sliepen en speelden gescheiden van elkaar. De slaapzalen waren op de bovenste verdieping en er waren ook woningen voor de directeur en de inwonende onderwijzers.

Slaapzaal Stadsarchief Amsterdam 010162000395
Het eten en het onderwijs was gemeenschappelijk.

Eetzaal. Stadsarchief Amsterdam 010162000396

Blinde leerlingen krijgen les in aardrijkskunde met behulp van kaarten en een globe in braille. Stadsarchief Amsterdam 010162000386

Kasten met voorwerpen te betasten bij blindenonderwijs, zoals allerlei dieren, maar ook een molen, een zeilschip, een trein, huizen, enz. Stadsarchief Amsterdam 010162000394
Het onderwijs was op het niveau van het lager en middelbaar onderwijs en de kinderen werden klaargestoomd voor een beroep, zoals voor de jongens o.a. draadvlechten, rietwerk, vlechtwerk, stoelen matten en manden maken.

Stadsarchief Amsterdam 010162000387

De mandenmakerij. Zes blinde jongens matten stoelen en vlechten manden. Stadsarchief Amsterdam 010162000375
Voor de meisjes o.a. breien, het vervaardigen van lampekleedjes, mutsjes en doekjes van sajet, het weven van zijden beurzen, handschoenen etc. en het spinnen van vlas.

Zes blinde meisjes tijdens een les in handenarbeid.
Stadsarchief Amsterdam 010162000384Lees meer >> | 2811 keer bekeken
-
Mijn overgrootvader, fotograaf in Amsterdam rond 1900
13 maart 2018Benjamin Wilhelmus Stomps (1856-1904) fotografeerde tusen 1894 en 1901 in een voor de fotografie interessante periode in Amsterdam. George Eastman de stichter van Kodak had in 1888 het boxje geïntroduceerd met de slogan 'You push the button, we do the rest'. In 1884 was er al de flexibele film op celluloid basis in plaats van glasplaten gekomen en in 1891 de rolfilm. Door deze technologische vernieuwingen had de amateurfotografie een enorme impuls gekregen en werd fotograferen een modern tijdverdrijf voor vooral een jongere generatie die het kon betalen. De ontwikkelingen volgden elkaar snel op, camera’s werden handzamer, de sluitingstijden korter, daardoor was het mogelijk om beweging vast te leggen en opnames buitenshuis te maken. De jongeren wierpen zich op deze technologische snufjes en het fotograferen. Zij waren de pioniers, de oprichters van verenigingen, de medewerkers van de tijdschriften en verschillende van hen begonnen na een paar jaar een fotohandel of werden zoals Bernhard Eilers docent. Ook de allereerste kleurenfoto’s dateren uit die tijd. En dan waren er de beeldende kunstenaars, zoals Breitner, die puur voor zichzelf gingen experimenteren om te kijken wat fotografie als creatieve uiting voor hen kon betekenen.
De amateurfotografen konden met die handzame camera's de straat op en waren in staat de nieuwbouw van voor Amsterdam beeldbepalende gebouwen zoals het Rijksmuseum (1885), Centraal Station (1889), het Wilhelmina Gasthuis (1891), het Stedelijk museum (1895) en de Beurs van Berlage (1903) vast te leggen.

Wilhelmina Gasthuis in de sneeuw Stadsarchief 010162000357
Ook groeide de industrie en de havens. Voor het eerst was het goed mogelijk deze ontwikkelingen, ook het dagelijks leven, het straatbeeld en ook de uitstapjes vast te leggen. Een belangrijke factor die meespeelde was de toegenomen snelheid van het leven en de mobiliteit. Treinen, auto's, fietsen, vakanties. Er kwam na 1885 de behoefte aan het vastleggen van het moment, de ‘ogenbliksfoto’s, en daardoor werd de fotografie persoonlijker. Iedereen kon zelf aan de slag met foto’s maken van het dagelijks leven, wat er in de stad gebeurde en van hun uitjes.
Vanaf 1888/1889 waren er in hotels al donkere kamerfaciliteiten voor amateurfotografen. Dat betekende dat men niet kon wachten tot men thuis was om zijn zelfgemaakte foto’s te zien. Het betekende ook dat er al voor de opmars van de handcamera behoefte was om de onderweg gemaakte foto’s snel in handen te hebben (ook om door te kunnen gaan met een volgende serie opnamen).

Strandpret Stadsarchief 010162000599
Er zijn best overeenkomsten te vinden met nu. Elkaar snel opvolgende technologische ontwikkelingen, waardoor de camera’s handzamer werden en er een explosie was aan beeldmateriaal, fel concurrerende fotowinkels, florerende fotoclubs, de “privacy” discussie kwam opgang in Amerika en florerende fotoclubs met een sterk verlangen zich artistiek te onderscheiden van de gewone huis-, tuin- en keukenkiekjes van de niet georganiseerde amateurs. Beide groepen trouwens kwamen voort uit dezelfde maatschappelijke laag, beide hoog opgeleid en vermogend. Het waren vooral mannen en in mindere mate vrouwen.
B.W. Stomps maakte deel uit van deze groep amateurfotografen in Amsterdam. Hij fotografeerde van 1894 tot 1901 vooral in en om Amsterdam. In die tijd waren in Amsterdam Breitner, ook een enthousiast amateurfotograaf en de fotografiepioniers Jacob Olie en Bernhard Eilers in Amsterdam actief. Zij ontmoeten elkaar op de en in fotografieclubs en het kunstenaarsgenootschap zoals ‘Arti et Amicitiae’, meestal kortweg Arti genoemd, een Amsterdamse vereniging voor beeldende kunstenaars en kunstliefhebbers.
Onderzoek heeft aan het licht gebracht dat Breitner nauw samenwerkte met andere amateurfotografen. Beelden die tot dusver aan de schilder werden toegeschreven, blijken door amateurs uit zijn omgeving te zijn gemaakt.De fotoclubs floreerden. De oudste fotoclub van Europa werd in 1887 opgericht, de AFV Amateur-Fotografen-Vereeniging aan de Handboogstraat in Amsterdam. De contributie voor Amsterdammers was 10 gulden en de vereniging had een clubblad getiteld Lux en er waren maandelijkse clubavonden met bezoekers en topsprekers uit het hele land.. Al snel had de club 500 leden. Het ging er serieus aan toe met lezingen, fotowedstrijden en exposities. Mijn overgrootvader deed daar enthousiast aan mee. Bij het exposeren en de onderlinge wedstrijden hoorde ook het proces van ballotage, selectie, beoordeling, prijzen, medailles en van recensies en van critici (die kwamen veelal uit eigen kring). Er was een sterk besef was van kwaliteit en esthetiek, het ging zeker ook om status en gezag. Het ging in het debat vooral over wat fotografie wel en niet moest zijn. Zij wilden zich onderscheiden van de huis-, tuin- en keukenkiekjes van de echte amateurs. Vandaar de belangstelling voor landschappen, genrebeelden alsof zij een schilderij maakten. Er is niet veel van deze foto's bewaard gebleven.

Romantisch landschap Stadsarchief 010162000134
B.W. Stomps had rond 1890 een zolderatelier aan de Weteringschans 109-110 in Amsterdam. Hij had dit lichte atelier overgenomen van de schilder Cornelis Springer. Een foto van het pand aan de Weteringschans 109-110 is bewaard gebleven. Met behulp van gordijnen, draperieën en schermen die via katrollen langs de ramen liepen werd de lichthoeveelheid geregeld. Het pand zelf bestaat niet meer.
.jpg)
Weteringschans 109 Stadsarchief Amsterdam 010162000447
Van B.W. Stomps zijn haast 500 opnames, waaronder 250 originele afdrukken bewaard gebleven en opgeslagen in het stadsarchief van Amsterdam. Toegangsnummer archief B.W. Stomps 10162. Ik ben bij het bekijken van de archieven tegen verschillende fouten in de vastlegging aangelopen. Er zitten foto’s in een archief die in weer een ander archief weer aan een andere fotograaf worden toegeschreven.
B.W. Stomps maakte vooral foto's van stadsgezichten van Amsterdam, onder meer het Wilhelmina Gasthuis, het interieur van het Rijksmuseum en van het Stedelijk museum. Op deze foto’s zijn sporadisch mensen te zien.
Tijdens de inhuldiging van Koningin Wilhelmina fotografeerde hij op verschillende locaties in de stad de rijtoer en de optocht.

Historische optocht t.g.v. de inhulding van Koningin Wilhelmina
Stadsarchief Amsterdam 010162000435Aan het IJ fotografeerde hij de zeil- en stoomboten. En in de schoolvakantie ging de camera mee naar Arnhem, Nijmegen, Noord-Holland en het strand.

Het afgesloten IJ Stadsarchief Amsterdam 010162000117
Het Vondelpark was voor hem een geliefd gebied om de lanen, de bomen, de vijver en fietsers te fotograferen. Hij volgde de beek die door het park tot aan de Amstelveenseweg liep. Ook hier was B.W. Stomps en zijn collega’s veel te vinden te fotograferen. Het zijn schilderachtige landschappen met boerderijen, koeien, molens en bruggetjes.

Fietsers met tandem in het Vondelpark Stadsarchief Amsterdam 101162000265
Veel familiekiekjes heb ik in het stadsarchief niet kunnen vinden. Op een paar foto’s staan zijn zoons afgebeeld.
Zonen van de fotograaf Stadsarchief Amsterdam 010162000176
De heren die op onderstaande foto staan zijn oom Toon (Teunis Stomps 1828-na 1900) en oom Piet (Pieter Gerrit 1835-1920), een Goudse pijp rokend en met het dambord tussen hen in.

Oom Piet en Toon Stadsarchief Amsterdam 010162000177
Bijzonder is zijn serie over het leven in het Instituut voor Onderwijs voor Blinden aan de Vossiusstraat 56-74A in Amsterdam. Daarover meer in een vervolgblog. Misschien was hij als hoofdonderwijzer aan een van deze scholen verbonden?
In het Stadsarchief is de laatste foto van hem uit 1901. B.W. Stomps stierf op 48 jarige leeftijd. Hij liet zijn vrouw Anna Wilhelmina de Vries met vijf kinderen achter, Theodoor Jan (geb. 1885), mijn grootvader Johan Willem (geb.1886), Simon Reinier Cornelis (geb. 1890), Cornelis Barend Gerard (geb. 1894) en Benno (geb. 1898),
Wilt u meer zien? stadsarchief van Amsterdam. Toegangsnummer archief B.W. Stomps 10162.
en hier
Geraadpleegde literatuur:
Amsterdam 1900. Foto’s van Olie Breitner Eilers en tijdgenoten/ Anneke van Veen. Bussum:Amsterdam, 2016.
Lees meer >> | 3623 keer bekeken
-
Artikel over mijn poppenhuizen
1 november 2013Artikel in het AD oktober 2013
Monica van Kleef heeft veertien poppenhuizen. Ze knapt ze op, richt ze in en gaat naar speciale ‘poppenhuisbeurzen’. En dat doet ze niet alleen, maar samen met haar echtgenoot.
.jpg)
Het begon allemaal met een lieve vader die een poppenhuis voor zijn dochter bouwde, maar de fascinatie voor poppenhuizen is bij Monica uit Hillegersberg nooit weggegaan. Zevenendertig jaar geleden, toen ze net getrouwd was, knutselde haar man het frame voor het allereerste huis in elkaar. Monica ging met het interieur aan de slag.
,, Het maken van dakpannen of piepkleine boekjes voor in de bibliotheek. Dat is maandenlang handwerk,’’ zegt ze.
Het knutselen doet Monica vaak zelf, hoewel ze ook veel spulletjes op Marktplaats, beurzen en tweedehands markten koopt.
Inmiddels heeft ze veertien poppenhuizen, van bakkerijen en stoffenwinkels tot herenhuizen en een bedoeïenentent. Maar de meest bijzondere is toch wel het Chinese poppenhuis, dat al jaren met veel zorg en liefde ingericht wordt.
Het is niet geheel toevallig dat dit Monica’s lievelingshuis is. Vijftien jaar geleden kwam ze door twee Chinese studenten van haar man in aanraking met de Oosterse cultuur, wat resulteerde in het maken van Chinese schilderijen en het verzamelen van Oosterse spulletjes.
,,Die poppetjes zijn moeilijk te vinden. Sommige zijn speciaal voor mij gemaakt in Sjanghai,’’ zegt ze, wijzend op de Chinese figuren die tussen de minimeubels staan.
Ook staat er een uniek Koreaans poppenhuis in huis. Ooit kocht Monica een pop voor haar Chinese poppenhuis bij een vrouw in Doesburg, ook een verzamelaar. Toen zij later op Markplaats tegen een Koreaanse poppenhuis aanliep, ontdekte ze dat de verkoper de man van deze vrouw was. Zij bleek te zijn overleden. Monica kocht het uit nalatenschap.
,,Met deze aankopen hadden de poppen hun huis weer terug.’’
Samen met haar man bezoekt ze ook beurzen, waar piepkleine meubeltjes, plantenbakjes en andere poppenhuis accessoires ingekocht worden. Op de weg ernaartoe herkennen ze de andere bezoekers al: de stellen zijn boven de 60 jaar en de vrouw heeft vaak een brilletje op.
,,Net alsof ze bij de Gamma lopen, hoor je ze praten over hoe de badkamer ingericht moet worden,’’ lacht Monica. ,,De mannen werken vaak aan het huis zelf, inclusief elektriciteit, en vrouwen behangen, knutselen en verzamelen.’’
In de loop van de jaren zijn er twee huizen verkocht, omdat ze toe was aan iets nieuws, maar aan de andere poppenhuizen wordt nog altijd geknutseld.
,,Want het ideale poppenhuis is eigenlijk nooit af.’’Lees meer >> | 1834 keer bekeken
-
Activiteiten tot nu toe
18 december 2012
2012 Expositie "KunstWerk aan de Winkel", Rotterdam
2012 Expositie "Podium voor passie", Gemeentehuis Lekkerkerk
2012 Expositie "Kunst- en atelierroute", Rotterdam
2012 Expositie "Vier de schoonheid", Museumnacht Rotterdam
2011 Expositie "Friday night Charity"
2009 Expositie Boesner galerie, Amsterdam
2006 Expositie "475 jarig jubileum" Raad van State, Den Haag
2000 Expositie "Portretten met een knipoog", Galerie Fascino Rotterdam
1999 Expositie "Zomersalon", Haagse kunstkring1997 Expositie "Actuele kunst", Galerie Vrije Academie Den Haag
1996 Expositie "Shopart", Rotterdam
1994 Expositie "Actuele kunst", Stichting Open ateliers RotterdamLees meer >> | 1526 keer bekeken